We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat we u de beste ervaring op onze website bieden.
Schoolmeester en doodgraver
Het is zomervakantie, kinderen en docenten genieten van een paar weken welverdiende rust. Zo’n twee eeuwen geleden was dit wel anders. De hoofdonderwijzer van de Openbare Lagere School in Nunspeet had naast zijn taak als leerkracht nog een hoop andere verplichtingen. En die gingen het hele jaar door.
Van meester Drost zijn geen foto’s bekend. Bovenstaande foto is van zijn opvolger Meester Nicolaas F. Perk, ter illustratie.
In SuperNoVA kijken we naar een archiefstuk uit onze collectie. Ben je benieuwd naar de archieven die het Noord-Veluws Archief beheert? Kijk dan eens verder op www.noordveluwsarchief.nl!
Op 20 juli 1858 werd Petrus Jacobus Drost benoemd tot schoolmeester. Hij nam deze functie over van zijn vader, Rein Drost, die sinds 1806 deze rol had bekleed. Naar hen is de Meester Drostweg in Nunspeet vernoemd. Tot 1836 werd er lesgegeven in een kleine school, met slechts één klaslokaal, van vijf bij zes meter. De onderwijzer had een schrijfbord, een bord met notenbalken en enkele landkaarten tot zijn beschikking. De kinderen schreven op leien. De jongere kinderen zaten op stoelen zonder tafel, wat het schrijven enigszins lastig maakte. Drost woonde in het huis dat bij de school hoorde. Het was klein maar voldoende en beschikte over een moestuin. Na een flinke storm in 1836, die veel gebouwen in het dorp beschadigde, werd aan de Laan een nieuwe school gebouwd, die iets groter was dan de oude.
De koster-schoolmeester was onder andere verantwoordelijk voor het luiden van de klokken, het opwinden van het uurwerk, het schoonhouden van de kerk en het lezen van de preek als de voorganger verhinderd was.
Dubbelfunctie
De functie van schoolmeester was eigenlijk een dubbelfunctie koster-schoolmeester. Naast het verzorgen van onderwijs voor de dorpskinderen was hij ook verantwoordelijk voor diverse kerkelijke zaken. Niet gek eigenlijk, want de school en de woning van de onderwijzer stonden vlak bij de kerk, ongeveer waar nu het marktplein is. De koster-schoolmeester was onder andere verantwoordelijk voor het luiden van de klokken, het opwinden van het uurwerk, het schoonhouden van de kerk en het lezen van de preek als de voorganger verhinderd was.Daarnaast had hij de functie van doodgraver en lijkbezorger en het afkondigen van publicaties zoals voorgenomen huwelijken.
Instructie voor de doodgraver
Voor de meeste functies kreeg hij apart betaald. Voor doodgraver was een beloning van 70 gulden per jaar berekend en voor “klokkenist” 20 gulden. Hoe de functie van doodgraver precies ingevuld moest worden kunnen we teruglezen in de “Instructie voor de doodgraver” uit 1869. Zo staat er dat hij verantwoordelijk was voor het “maken en digten der grave ter plaatse waar zulks overeenkomstig de orde der begraafplaats gevorderd wordt.” Hij moest er ook voor zorgen dat de begraafplaats er netjes uitzag: “De paden worden van 1 Mei tot 1 October tweemaal in de maand geschoffeld en geharkt en buiten dien tijd, eenmaal ’s maands, indien de weersgesteldheid zulks niet verhindert.”
Lezing
Petrus Jacobus Drost was de laatste onderwijzer die deze dubbelfunctie bekleedde. In 1890 werd hij als schoolmeester opgevolgd door meester Perk. De functie van koster behield hij nog tot 1907. Als onderwijzer was Drost ongetwijfeld nauw betrokken bij het dorp en haar bewoners. In 1902 gaf hij een lezing over de geschiedenis van Nunspeet. Het is een verhaal van losse historische feitjes en anekdotes, wat een interessant inkijkje geeft in wat de Nunspeters van toen bezighield. In 1929, dertien jaar na zijn overlijden werd de lezing in delen in de krant gepubliceerd. Zo konden zijn woorden zelfs na zijn dood nog anderen onderwijzen.
Zelf stukken bekijken?
De Instructie voor de doodgraver vind je terug in Toegang 4001 – Gemeentebestuur Ermelo, 1796-1912, inventarisnummer 427. De lezing, in zeven delen, is bewaard gebleven als Losse Aanwinst, Toegang 3550, inventarisnummer 54. Je kan de delen ook vinden in de krantendatabase, zie daarvoor onderstaande linkjes. Liever de fysieke stukken bekijken? Maak dan een afspraak om langs te komen op de studiezaal.
Deel 1 – Overveluwsch Weekblad/Harderwijker Courant, 23-01-1929, pagina 1
Deel 2 – Overveluwsch Weekblad/Harderwijker Courant, 30-01-1929, pagina 1
Deel 3 – Overveluwsch Weekblad/Harderwijker Courant, 06-02-1929, pagina 1
Deel 4 – Overveluwsch Weekblad/Harderwijker Courant, 20-02-1929, pagina 1
Deel 5 – Overveluwsch Weekblad/Harderwijker Courant, 06-03-1929, pagina 1
Deel 6 – Overveluwsch Weekblad/Harderwijker Courant, 13-03-1929, pagina 1
Deel 7 – Overveluwsch Weekblad/Harderwijker Courant, 20-03-1929, pagina 1